Indicaties dierfysiotherapie
Fysiotherapie voor uw dier is nodig:
- Wanneer uw dierenarts één van de hieronder vermelde diagnoses heeft gesteld bij uw dier
- Wanneer uw dier zonder duidelijke oorzaak een of meer van onderstaande signalen vertoont.
- Wanneer uw dier onvoldoende reageert op pijnmedicatie.

Diagnoses:
- Artrose en ouderdomsklachten
- Hernia, spondylose, lumbo-sacrale instabiliteit
- Revalidatie na botbreuken en operaties (bijv. kruisband of meniscusoperaties)
- Acute letsels aan spieren, gewrichten, banden of pezen na een blessure of ongeval
- Gewrichtsafwijkingen zoals OCD, (osteochondrose discecans), LPC (losse processus coronoideus), LPA, (losse processus anconeus), en HD (heupdysplasie).
- Slecht helende wonden en verkleefde littekens
- Pees-, slijmbeurs- en gewrichtsontstekingen
- Verminderde sportprestaties
- Spierziektes
- Verlammingsverschijnselen
- Rug en of halsproblemen zonder duidelijke oorzaak
Signalen:
Een dier laat van nature slecht merken wanneer hij pijn heeft. Dat komt omdat pijngedrag in de natuur, vaak leidt tot afzondering dan wel tot het zijn van een makkelijkere prooi. Dit heeft tot gevolg dat u als eigenaar vaak pas laat kunt opmerken dat uw dier pijn heeft. Vaak als hij piept/jankt dan wel kreupelt. De aandoening/klacht is dan echter vaak al langdurig aanwezig. Hoe langer een klacht bestaat hoe moeilijker en langer het genezings-/herstelproces zal zijn. Daarom is het dan ook heel belangrijk dat pijnsignalen op tijd herkend worden.
Hieronder volgt een lijst met signalen, welke kunnen duiden op een onderliggende pathologie/aandoening waarbij fysiotherapie geïndiceerd kan zijn. Dit houdt dus niet in dat als een dier één van de signalen heeft, er altijd wat aan de hand is. Echter een onderzoek door een dierenarts of dierenfysiotherapeut is dan wel gewenst.
- Uw dier loopt mank/kreupelt, kortdurend dan wel continu.
- Uw dier staat moeilijk op (startproblemen) in de ochtend en/of na lang liggen. U wordt als eigenaar niet meer zo vrolijk begroet.
- Uw dier vindt het niet prettig om op bepaalde plaatsen geaaid/geborsteld te word
en.
- Uw dier springt moeilijker.
- Uw dier laat al lopende de ontlasting/urine gaan.
- Een reu die plots zittende plast.
- Er treedt een verandering van lichaamshouding op, zoals het bol staan van de rug, het overdreven staan op de voorhand (“bodybuilder”-uiterlijk) wanneer het niet passend is bij het ras of een altijd laag hangende kop.
- Uw dier kwispelt minder of enkel nog laag.
- Uw dier “huppelt” als een konijn met de achterhand, in plaats van galopperen.
- Uw dier wil niet meer naar buiten gaan, of enkel nog voor een kort stukje lopen
- Uw dier sleept met de voeten, mn. bij stoepen/drempels
- Uw dier presteert minder tijdens sportactiviteiten zonder duidelijke reden
- Uw dier vertoont veranderd gedrag; bv. sloom, afwezig, narrig, vals
terug naar beginpagina